De duiven die overlast geven aan woningen en bedrijfspanden zijn vrijwel altijd stadsduiven: grijzige, zeer honkvaste vogels die op gebouwen leven. De houtduif is groter, heeft een witte halsvlek en zit vaker in bomen en tuinen, terwijl een postduif een ontsnapte of rustende fokduif is die je herkent aan een ring om de poot. Weten met welke duif je te maken hebt, helpt je de overlast beter te begrijpen en gerichter aan te pakken.
De stadsduif: de veroorzaker van de meeste overlast
De stadsduif is de verwilderde afstammeling van de rotsduif, en dat verklaart zijn gedrag: rotsduiven nestelen van nature op rotsrichels, en in de stad zijn gebouwen daar het perfecte alternatief voor. Stadsduiven zitten op richels, balkons, galerijen, dakranden en onder zonnepanelen, en zijn extreem honkvast. Hun kleur varieert sterk, van grijs met twee donkere vleugelstrepen tot bont of bijna zwart. Doordat ze zo aan gebouwen gebonden zijn, veroorzaken juist zij de overlast aan gevels en balkons. Waarom ze zo hardnekkig terugkeren, lees je in waarom komen duiven steeds terug.
De houtduif: groter en meer in het groen
De houtduif is duidelijk groter en steviger dan de stadsduif, met een opvallende witte vlek aan weerszijden van de hals en witte vleugelstrepen die je in de vlucht ziet. Houtduiven leven vooral in bomen, tuinen en parken en komen minder vaak op gebouwen. Ze kunnen wel je tuin of balkonplanten bezoeken, maar geven zelden de hardnekkige gevel- en balkonoverlast die stadsduiven veroorzaken.
De postduif: een fokduif op doorreis
Zie je tussen de gewone stadsduiven een verzorgd ogende duif met een gekleurde of genummerde ring om de poot, dan gaat het waarschijnlijk om een postduif. Dit is een fokduif die onderweg even rust of is ontsnapt. Zit er een ring om, dan kun je via het ringnummer soms de eigenaar achterhalen en de duif terugbezorgen. Een rustende postduif geeft doorgaans geen structurele overlast en vraagt niet om wering, maar om een seintje aan de eigenaar.
Waarom het type duif iets uitmaakt voor de aanpak
De aanpak van overlast richt zich altijd op de plek en het gedrag, niet op de duif zelf. Voor honkvaste stadsduiven op gebouwen betekent dat gerichte wering van balkons, galerijen, dakranden en zonnepanelen. De vaste methode van reinigen, desinfecteren en weren blijft hetzelfde, maar welke plekken je precies aanpakt, verschilt per situatie. Herken je vooral houtduiven in je tuin, dan ligt de oplossing eerder in het minder aantrekkelijk maken van voer- en zitplekken dan in gevelwering.
Let op de wet, ongeacht de soort
Een bezet nest met eieren of jongen is beschermd onder de Wet natuurbescherming, welke soort het ook is. Preventieve wering mag altijd, zolang je geen bezet nest verstoort. Meer over wat wel en niet mag, lees je in broedseizoen en de wet. Heb je te maken met hardnekkige stadsduiven en wil je weten wat de beste aanpak is? Stuur een paar foto’s van de situatie via WhatsApp of e-mail, dan adviseren we gericht en krijg je een vaste prijs op maat voor de duivenwering.